Lawyers 4 Lawyers

Advocatenbroers Yorov: extra cel om gedicht

De Tadzjiekse advocatenbroers Yorov verdedigden de leiders van de enige oppositiepartij van het land toen die werd verboden. Daarna werden ze zelf gearresteerd. Buzurgmehr Yorov (46) zit een celstraf van 23 jaar uit, zijn broer Jamshed (43) kon vluchten en werd asielzoeker in Duitsland.

Door Tatiana Scheltema

‘Wanneer reden de eerste treinen in Tadzjikistan?’ Het is een vraag in de test die Tadzjiekse advocaten in november 2015 moesten afleggen, wilden ze hun licentie behouden. Ruim zes van de twaalfhonderd Tadzjiekse advocaten zakten voor het examen, zo wil het verhaal. Of het klopt, is moeilijk te achterhalen. De Tadzjiekse minister van Justitie Shohmurod heeft ontkend. Ondenkbaar is het zeker niet in de voormalige sovjetsatelliet.

Advocaten zijn president Emoali Rachmon van het Centraal-Aziatische bergstaatje al langer tot last. De voormalige kolchoz-apparatsjik die in 1992 aan de macht kwam en zich op zijn officiële website laat omschrijven als ‘een unieke historische persoonlijkheid in bezit van de hoogste kwaliteiten (…)’ rekende de afgelopen jaren af met critici van zijn bewind.

Het verzet tegen de wijdverbreide corruptie van de voormalige communisten kwam na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie (1991) vooral uit orthodox-islamitische hoek, waar partijen samensmolten tot de Verenigde Tadzjiekse Oppositie (UTO). Het leidde tot een bloedige burgeroorlog.

In 1997 sloot Rachmon een bestand met de Islamitische Renaissance Partij van Tadzjikistan (IRPT), het hart van de UTO, maar de macht van de IRPT werd in opvolgende frauduleuze verkiezingen gedecimeerd tot twee, en uiteindelijk nul zetels in het parlement. Begin september 2015 werd de IRPT verboden en tot ‘terroristische organisatie’ bestempeld. Na een aanslag op een politiepost werden dertien kopstukken van de IRPT opgepakt.

Hun advocaat Buzurgmehr Yorov werd op 28 september 2015 gearresteerd op verdenking van fraude en valsheid in geschrifte, samen met collega Nuriddin Makhkamov. Beiden stonden erom bekend dat zij ook gevaarlijke zaken, bijvoorbeeld tegen de zwagers van de president, durfden aan te nemen.

Bij hun berechting een jaar later waren daar nog aantijgingen van ‘aanzetten tot extremisme’ en ‘opruiing van nationalistische, racistische, lokale of religieuze aard’ bijgekomen.

De buitenlandse pers, ngo’s als Human Rights Watch en Amnesty International en de Mensenrechtencommissaris van de Verenigde Naties, reageerden geschokt. Daarop werd Buzurgmehr achter gesloten deuren berecht. Naar zijn betoog dat getuigen door het regime waren beïnvloed werd niet geluisterd, naar het gedicht van de beroemde elfde-eeuwse dichter Omar Khayyam dat hij voordroeg wél: Wees voor die paar onwetenden die stom/ Zichzelf zien als de slimsten van de wereld/ Een ezel, want in hun ezeligheid/ Noemen zij ieder die geen ezel is een ketter.

Het leverde hem twee jaar extra cel op vanwege belediging van een magistraat in functie, boven op de 21 jaar voor de eerdere aanklachten.

‘Na zijn arrestatie zei mijn broer niets over de afranselingen en martelingen waaraan hij werd blootgesteld,’ schrijft Jamshed Yorov, Buzurgmehrs broer en kantoorgenoot, in een e-mail vanuit Duitsland. ‘Daarvoor is hij te trots. Maar de eerste keer dat we hem opzochten in het detentiecentrum zaten zijn kleren onder het bloed.’ De keren daarna ook, en toen Jamshed zelf werd gearresteerd omdat hij het vonnis van het Tadzjiekse Hooggerechtshof in de zaak van de IRPT-leiders zou hebben doorgespeeld aan de pers, ondervond hij het martelregime aan den lijve.

Jamshed kwam vrij bij een amnestie en vluchtte via Polen naar Duitsland, waar hij asiel aanvroeg. Vanwege de Dublinregels moet hij terug naar Polen; zijn verweer dat de Tadzjiekse geheime dienst hem daar waarschijnlijk zal vinden, werd verworpen. Hij wacht op uitzetting en volgt ondertussen Duitse taallessen.

Buzurgmehr zit nog steeds in het detentiecentrum waar de dagelijkse afranselingen, ook na een ziekenhuisopname, gewoon doorgaan. Hij wacht op overbrenging naar de gevangenis. Tegen zijn moeder, die hem vorige maand opzocht, zei hij dat hij niet zeker wist of hij dat wel zou halen.

Dit artikel is verschenen in het Advocatenblad van oktober 2017. De hele editie is hier te lezen.

Op de hoogte blijven? Meld u aan voor onze nieuwsbrief!