Trudeke Sillevis

Een hekel aan de deken

Hoe zeer je ook met de deken in de clinch ligt, een dekenbezoek kun je niet weigeren – ook niet als je een klacht tegen de deken hebt ingediend.

De familie K. had ruzie met de gemeente over een bestemmingsplan. Mrs. X en Y stond de familie bij, met raad én daad: toen de gemeente een controlebezoek bij hun cliënte wilde afleggen om te zien of ze niet in strijd met het bestemmingsplan handelden, duwde mr. X volgens de gemeente een ambtenaar omver om die controle te verhinderen.

De burgemeester deed aangifte en stapte naar de deken: ambtsbelemmering! Waren die advocaten niet veel te direct en persoonlijk betrokken bij het conflict? Mrs. X en Y antwoordden de deken dat de burgemeester onrechtmatig had gehandeld door een machtiging binnentreden woning af te geven. En daar hadden ze een punt: de familie K. kreeg van de rechtbank in de inhoudelijke procedure gelijk, waarbij de rechtbank ook zei dat dat controlebezoek too much was geweest. Mrs. X en Y stelden de gemeente aansprakelijk voor de schade wegens de onterechte aangifte en de aantijgingen aan het adres van mr. X.

Toen dienden ze een WOB-verzoek in, omdat ze wel eens wilden weten hoe de deken met de burgemeester had gecommuniceerd. Die vond dat dat viel onder de vertrouwelijkheid van tuchtdossiers, maar haalde uiteindelijk bakzeil.

De advocaten dienden ook een klacht in tegen het optreden van een van de rechters en dat leidde dan weer tot vragen aan de deken van de President van de rechtbank.

Op vragen van de deken wilden mrs. X en Y niet meer antwoorden en ook een bezoek van de deken wezen ze af. Een onderzoek: prima, maar dan door een ander lid van de raad van toezicht of door een andere deken. Volgens de advocaten had de deken zich te veel in het conflict gemengd en had hij geprobeerd stiekem informatie te krijgen om de gemeente in het conflict tegen hun cliënte te helpen.

Het verzoek een andere deken aan te wijzen ging van kastje (algemeen deken) naar muur (college van toezicht) en weer terug – met als resultaat dat het verzoek werd afgewezen. De boel escaleerde in bezwaren van de deken, een klacht van mrs. X en Y tegen de deken en zelfs een kort geding, waarvan de uitkomst niet uit de tuchtuitspraak blijkt.

Wat daar wel uit blijkt, is dat je ongenadig wordt afgestraft als je de deken in zijn toezicht belemmert. Een bezwaar tegen de deken indienen helpt niet – dan zou iedereen op die manier onder toezicht uit kunnen komen.

Mrs. X en Y kregen van de Bossche raad zes maanden schorsing, waarvan vijf voorwaardelijk, met als bijzondere eis dat ze alsnog alle medewerking aan de deken moeten verlenen. Behoudens hoger beroep, natuurlijk…

Op de hoogte blijven? Meld u aan voor onze nieuwsbrief!