Artikelen

Diana de Wolff: ‘In de praktijk komen de kernwaarden tot leven’

De Utrechtse advocaat Diana de Wolff neemt per 1 april het stokje over van Britta Böhler, bijzonder hoogleraar advocatuur aan de Universiteit van Amsterdam. Haar eerste doel is gesteld: het schrijven van een boek.

Door Sabine Droogleever Fortuyn

Als arbeidsrechtadvocaat bij Stadhouders Advocaten in Utrecht kent Diana de Wolff (57) het beroep van advocaat van binnenuit. Maar ook ontwikkelingen die de balie als geheel in de afgelopen jaren opschudden, maakte ze van dichtbij mee. Als lid van de algemene raad (2008-2013) was ze nauw betrokken bij de professionalisering van het toezicht op de advocatuur.

Het dekenberaad werd in die periode opgericht. Staatstoezicht werd ternauwernood afgewend en het systeemtoezicht door het college van toezicht kwam tot stand. ‘Het was een boeiende tijd, waarin niet alleen de wijziging van de Advocatenwet speelde, maar ook de vernieuwing van de Beroepsopleiding Advocatuur. Ik heb vervolgens als lid van het hof van discipline de praktijk van toezicht en tuchtrechtspleging beter leren kennen.’

Binnenkort worden de gedragsregels vernieuwd. Een commissie, onder voorzitterschap van oud-deken Jan Loorbach, houdt zich daarmee bezig. Als nieuwe bijzonder hoogleraar advocatuur heeft De Wolff zich tot doel gesteld een handzaam boek te schrijven over de normen waaraan advocaten anno nu moeten voldoen en over de actuele ontwikkelingen in het toezicht, het gedragsrecht en tuchtrecht.

Dilemma’s
De nieuwe Advocatenwet bepaalt de kernwaarden van de advocatuur: onafhankelijkheid, partijdigheid, deskundigheid, integriteit en vertrouwelijkheid. ‘In de praktijk komen de kernwaarden tot leven en kunnen ze ook botsen.’ Achter de mooie begrippen gaan dilemma’s schuil die De Wolff met de studenten wil verkennen.

Ook wil ze binnen de balie reflectie over de kernwaarden stimuleren. Een simpel voorbeeld: ‘Een advocaat kan uiterst deskundig zijn en gaan watertanden bij een interessante rechtsvraag. Maar: dien je je cliënt met een prachtige dagvaarding als zijn conflict met een schikking sneller wordt opgelost? Wat betekent het bij die afweging om zowel deskundig, onafhankelijk, integer als partijdig te moeten zijn?’ Een ander voorbeeld: ‘Je kunt belastingconstructies bedenken die legaal zijn, maar zijn die ook maatschappelijk verantwoord en wanneer ben je als advocaat eigenlijk nog integer bezig?’

De kernwaarden kunnen advocaten een goede invalshoek geven bij het evalueren van de manier waarop zaken binnen hun kantoor worden behandeld. De voortdurende ICT-ontwikkelingen raken de kernwaarden en gedragsregels ook, stelt De Wolff. Ze noemt de opkomst van koppelsites. Ter discussie staat of die in strijd zouden zijn met het provisieverbod van gedragsregel 2 lid 2. ‘Of de opkomst van reviewsites. Ze kunnen voor rechtzoekenden een goed hulpmiddel zijn bij het zoeken naar een advocaat, maar wat betekent het voor de onafhankelijkheid van de advocaat en hun bereidheid om lastige zaken aan te nemen als klanten hun wellicht ongezouten mening op zo’n site wereldkundig kunnen maken?’

Aan de Universiteit van Amsterdam gaat De Wolff voor masterstudenten het vak Advocaat en ethiek, opgezet door haar voorganger Britta Böhler, doceren en bijdragen aan het bachelorvak Juridische Togaberoepen. Bovendien is ze van plan om na het schrijven van het boek over specifieke deelonderwerpen te publiceren. ‘Het hoogleraarschap duurt vijf jaar, dus ik heb even de tijd.’

De leerstoel bijzonder hoogleraar advocatuur (0,4 fte) wordt mogelijk gemaakt door de Nederlandse orde van advocaten.

Dit artikel is verschenen in het maartnummer van het Advocatenblad. De hele editie is hier te lezen.

Op de hoogte blijven? Meld u aan voor onze nieuwsbrief!